Odeaandezorg_Logo_Horizontaal_blauw

Carrière maken in de zorg: kansen genoeg, maar het blijft lastig

Al jaren stijgt het aantal werknemers dat besluit om de zorg te verlaten. Een veelgehoorde reden is het gebrek aan mogelijkheden om je te ontwikkelen. Om te groeien in je kennis en vaardigheden of om ander werk te doen binnen de organisatie. Zijn er echt zo weinig kansen? Of doe je als zorgprofessional te weinig om ze te grijpen?

Soms lijkt een carrièrepad een snelweg met zes rijstroken. Neem de loopbaan van de 38-jarige Saskia Krings. Ze startte als verpleegkundige op de spoedeisende hulp, ging de wijkverpleging in en werd daar leidinggevende. Vervolgens zette ze een coronacentrum op en inmiddels is Saskia afdelingshoofd van de poli Chirurgie van ziekenhuis Zuyderland in Sittard-Geleen en Heerlen. Daarnaast geeft ze les op Hogeschool Zuyd. “Ik heb altijd alle kansen gehad om te groeien”, vertelt ze. “Ik heb er natuurlijk hard voor gewerkt, maar ook leidinggevenden gehad die rolmodellen waren en me hebben geholpen bij het maken van lastige keuzes.” 

Saskia’s traject lijkt niet standaard in de zorg. Het gebrek aan loopbaanperspectief en uitdaging in werkzaamheden zijn juist de hoofdoorzaken van vertrek uit de zorg, zo blijkt uit het Doorlopend Uitstroomonderzoek van RegioPlus. De totale uitstroom van zorgprofessionals valt mee vergeleken met andere sectoren, maar is de afgelopen jaren wel gegroeid. Gelukkig is de instroom nog steeds groter, zodat het aantal werknemers in de zorg (nog) niet minder wordt. Maar behoud van zorgprofessionals is belangrijker dan ooit, zegt Annemarie de Vos. “Als we nu niet investeren in het boeien, binden en behouden van professionals, is er over tien jaar een tekort van 100.000 tot 125.000 werknemers in de zorg.”

Langer in de zorg

Annemarie is lector Continue Professionele Ontwikkeling van Verpleegkundigen en leidt een groep onderzoekers en studenten. Die proberen er onder meer achter te komen of verpleegkundigen langer in de zorg blijven als ze zich doorlopend kunnen ontwikkelen. Dat wil zeggen dat ze hun kennis vergroten door te leren tijdens het werk. Maar ook het volgen van een opleiding hoort daarbij, waarmee ze bijvoorbeeld hun takenpakket kunnen uitbreiden. Of het ontwikkelen van hun capaciteiten als leidinggevende. 

Voor de doorsnee zorgprofessional is ‘zich blijven ontwikkelen’ een uitdaging, legt ze uit. “Het belangrijkste is dat je gemotiveerd bent. Daarnaast heb je discipline, doorzettings- en uithoudingsvermogen nodig om, bijvoorbeeld, een opleiding te doen naast je werk. En dat niet alleen. Ook je team moet er positief tegenover staan. Het inroosteren als verpleegkundigen een opleiding doen naast hun werk, en de vraag is: hoe blijf je one of the guys als je meer gestudeerd hebt dan je collega’s?”

Vooral zorgen voor een ander

Die hobbels kom je als professional pas tegen als je al met een ontwikkeltraject bezig bent. De stap daarvóór is het zien en grijpen van zo’n kans. En dat is óók vaak een uitdaging. Annemarie: “Zorgprofessionals vinden het vaak lastig om de regie over hun professionele ontwikkeling te nemen. Ze zijn vooral bezig met het zorgen voor een ander, en kijken daarom minder naar hun eigen belang. Dus is het voor velen van hen ook lastig om strategisch naar hun loopbaan te kijken. Daarnaast moet je je plan ook goed kunnen verkopen aan bijvoorbeeld je leidinggevende. Leg uit waarom je een bepaalde opleiding of training wil gaan doen, hoe dat bijdraagt aan jouw ontwikkeling en werkplezier en hoe het ten goede komt aan de afdeling. Er is veel mogelijk. Ook financieel hoeft het vaak geen probleem te zijn. Maar je moet er wél op een goede manier het gesprek over aangaan.”

Harriët Pleiter en Maria Zieltjes herkennen dat laatste. Zij zijn loopbaancoach bij Loopbaan in Zorg, dat werknemers van negen zorgorganisaties begeleiding biedt. Over het algemeen zijn dat grote instellingen waar veel mogelijk is. Maria: “Dat betekent overigens niet dat er bij onze organisaties niemand vertrekt. De werkdruk is hoog. Ook wij zijn bezig met de vraag: hoe houden we de achterdeur dicht? We zoeken het daarbij vooral in goed werkgeverschap. Een warm welkom, gezien worden en ontwikkelingsmogelijkheden. Het is cruciaal dat leidinggevenden meer aandacht kunnen besteden aan hun teamleden. Dat ze meer coach kunnen zijn.”

Voorsorteren op iets anders

Harriët: “Als je meer coachend werkt, kun je ook doorlopend met een medewerker praten over diens ontwikkeling en loopbaanpad. Op die manier kun je tijdig voorsorteren op wanneer iets anders wil gaan doen; je hebt dan al op tijd de afslag genomen. Bewegen naar een functie buiten de directe zorg, bijvoorbeeld naar een leidinggevende- of beleidsfunctie, is zeker mogelijk, maar niet passend voor iedereen. Het is voor het behoud van zorgprofessionals vooral belangrijk dat hun werk interessant blijft en ze hun talenten daarin goed kwijt kunnen, concluderen Harriët en Maria. 

Eric Bosman is het daar hartgrondig mee eens. Hij is manager beleid en public affairs bij RegioPlus, dat regionale werkgeversorganisaties in zorg en welzijn verbindt. “Dat gebrek aan loopbaanperspectief vertrekreden nummer 1 is, is een duidelijk signaal. Dat betekent dat er betere banen nodig zijn in zorg en welzijn. Werkgevers moeten hierin het voortouw nemen.” 

Elke dag ander werk

RegioPlus richt zich op samenwerking van zorg- en welzijnsorganisaties op regionaal niveau, legt Eric uit. “Bijvoorbeeld door ‘regionaal werkgeverschap’. De gedachte daarachter is dat een zorgmedewerker straks in dienst kan treden bij verschillende zorg- en welzijnsorganisaties tegelijkertijd. Zodat ze bij wijze van spreken op maandag in de gehandicaptenzorg kunnen werken, op dinsdag in de GGZ en de rest van de week in de thuiszorg. Dat biedt zorgprofessionals veel meer mogelijkheden. Alleen moet er om dat voor elkaar te krijgen, wel het een en ander veranderen in ons vastgelopen zorgsysteem. Daar zijn we hard voor aan het lobbyen bij bijvoorbeeld politici en beleidsmakers.”

Het is niet het enige initiatief om het tij te keren. Overheid en werkgevers hebben, samen of ieder voor zich, de nodige projecten lopen. Een initiatief als Groeispurt bijvoorbeeld, dat bijscholing en certificering toegankelijker wil maken voor zzp’ers, zorgmedewerkers met een dienstverband en zorginstellingen. Ook werken zorgorganisaties samen om sterker te staan op de arbeidsmarkt bijvoorbeeld. Denk aan jouwzorgbaan.nl, dat ook fysiek is te bezoeken, onder meer in de Utrechtse binnenstad. Of Zorginspirator, dat inzicht geeft in opleidings- en loopbaanmogelijkheden binnen de zorg.

Studie en werk combineren

Ook zijn er de afgelopen jaren de nodige ‘nieuwe’ zorgfuncties bijgekomen. Die hebben het keuzepalet voor zorgprofessionals uitgebreid. Denk aan praktijkondersteuner of verpleegkundig specialist. Het aantal mbo-geschoolde verpleegkundigen dat is doorgestroomd naar een hbo-functie is de afgelopen vijf jaar fors toegenomen, blijkt uit data van RegioPlus. Het gaat daarbij over professionals die studie en werk combineren, met goedkeuring van hun werkgever. De mogelijkheden zijn daarvoor dus duidelijk toegenomen.”

Volgens lector Annemarie de Vos zijn er twee dingen om in de gaten te houden als het gaat om de ontwikkeling van zorgprofessionals: als er te weinig groeimogelijkheden zijn, ervaren ze minder werkplezier en is de kans groter dat ze de zorg verlaten. En als zorgprofessionals zich wél ontwikkelen, maar niet op het gebied van patiëntenzorg, zijn ze daarna vaak niet meer beschikbaar voor die patiëntenzorg. “Ze worden bijvoorbeeld kwaliteitsdeskundige, gaan het onderwijs in of zijn als leidinggevende niet meer beschikbaar voor het praktijkwerk. Die cultuur moeten we veranderen.”

Met plezier aan het bed

Afdelingshoofd Saskia Krings van Zuyderland moet er niet aan denken om haar witte jas definitief aan de kapstok te hangen. “Ik blijf een verpleegkundige in hart en nieren, dus als het nodig is, als er een lastig gesprek gevoerd moet worden met een patiënt, dan sta ik met plezier weer aan het bed. Ik ben graag strategisch bezig, maar zeker ook operationeel. Daar krijg ik energie van en zo weet ik wat er speelt.” 

Voor loopbaancoach Harriët Pleiter is in ieder geval duidelijk dat meer (zichtbare) groeikansen voor zorgprofessionals een groot verschil kunnen maken. “Het is heel waardevol dat medewerkers met veel werkplezier iets kunnen doen waarin ze hun eigen talenten kunnen benutten. Dat is uiteindelijk waar je het, als organisatie én als zorgprofessional, voor doet.”

In mei deel 2 van deze serie: Zó pak je als zorgprofessional de kans om te groeien.

Lees ook:

Zoeken